De Synode over Synodaliteit: navigeren tussen hoop en vrees @NCRegister

HomeInternationaal Katholiek NieuwsDe Synode over Synodaliteit: navigeren tussen hoop en vrees @NCRegister

COMMENTAAR: Reflecties op enkele kwesties die naar voren kwamen in de bijeenkomsten of sessies voorafgaand aan de synode.

Jane Adolphe, Fulvio Di Blasi, Robert Fastiggi en Deborah Savage; Commentaren

3 oktober 2023 – Op 16 september 2023 organiseerde het International Catholic Jurists Forum een online “International Meeting of Experts” om de belangrijkste thema’s te bespreken uit het werkdocument voor de Synode over Synodaliteit, namelijk het Instrumentum Laboris van de 16e Gewone Vergadering van de Bisschoppensynode (29 mei). De volgende verklaring is het slotdocument van die bijeenkomst.

Inleiding

De komende Synode over Synodaliteit begint op 4 oktober, het feest van de heilige Franciscus. Paus Franciscus gelooft dat “synodaliteit een constitutief element van de Kerk is,” en hij hoopt dat de tweejarige synode de leden van de Kerk zal helpen om samen op weg te gaan op een gemeenschappelijke weg naar Christus, de Heer.

Er is veel geschreven over de komende Synode. Sommigen hebben hun hoop uitgesproken en anderen hun bezorgdheid. Velen hopen op een Kerk waarin de gelovigen – zowel geestelijken als leken – samen wandelen, naar elkaar luisteren en samen bidden voor een diepere gemeenschap met en trouw aan Christus. Anderen hebben echter hun hoop geuit op een meer “inclusieve” Kerk, die er schijnbaar een zou zijn die in staat is om alle mensen te accepteren, ongeacht hun toewijding aan het katholieke geloof en de katholieke moraal. Dit soort “inclusiviteit” heeft echter bezorgdheid en ongerustheid gewekt bij veel katholieken die geloven dat de synode gebruikt zou kunnen worden om de katholieke leer te veranderen.

In een poging om tussen deze hoop en vrees te laveren, willen we de volgende overdenkingen presenteren over een aantal kwesties die naar voren kwamen in de bijeenkomsten of sessies voorafgaand aan de synode. Deze bijeenkomsten zijn gepromoot als een wereldwijd resultaat voor de katholieke Kerk, maar in werkelijkheid is er slechts een klein percentage katholieken bij betrokken geweest.

Luistersessies

De uitdrukking “luistersessies” is gebruikt om te beschrijven wat er tot nu toe is gebeurd in de verschillende fasen van het proces van de Synode over Synodaliteit. Hoewel luisteren onder gelovigen altijd goed is, geloven sommigen dat deze “luistersessies” het patroon volgen van seculiere programma’s voor Diversiteit, Gelijkheid en Inclusie (DEI) die werknemers samenbrengen onder leiding van een DEI-consultant. Het punt van zorg is dat deze kerkelijke “luistersessies” soms gebruikt zijn om bepaalde agenda’s te promoten die niet in overeenstemming zijn met het katholieke geloof en de katholieke moraal.

De bisschoppen van de Kerk moeten naar de gelovigen luisteren, maar ze moeten ook hun drievoudige ambt van onderwijzen, heiligen en besturen uitoefenen” (Katechismus van de Katholieke Kerk, 873). Alle gelovigen – de herders en de kudde – moeten uiteindelijk luisteren naar de stem van de Heilige Geest en Christus, de Goede Herder (vgl. Johannes 10,14-18). Het Instrumentum Laboris (10) merkt terecht op dat de Synode moet bestaan uit “gelovige mensen, het college van bisschoppen, de bisschop van Rome: de een luisterend naar de ander; en allen luisterend naar de heilige Geest, de ‘Geest der waarheid’ (Joh 14,17), om te weten wat Hij ‘tot de Kerken zegt’  (Openb 2,7).”

Inclusiviteit

Vaticanum II leert dat alle mensen geroepen zijn om bij het nieuwe volk van God te horen (Lumen Gentium, 13), (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten) en de Heiland “die wil dat alle mensen gered worden en tot de kennis van de waarheid komen” (1 Timoteüs 2,4). Sommigen vragen zich echter af of de oproep tot “radicale inclusiviteit” een manier is om de noodzaak te ondermijnen om te leven volgens de leer van de Schrift, de traditie en de wetten of normen van de Kerk. Paus Franciscus heeft gezegd dat iedereen welkom is in de Kerk, maar dat er “regels” zijn die gevolgd moeten worden. Inclusiviteit wordt bovendien vaak gezien als een politieke of seculiere categorie.

De term “inclusiviteit” is niet nauwkeurig omschreven en roept veel vragen op. Wat betekent het? Vooronderstelt inclusiviteit niet het concept van uitsluiting? Wat betekent uitsluiting? Heeft niet elke groep of instelling lidmaatschapsregels voor inclusie? Zijn zulke regels op zich problematisch?

We weten dat veel DEI-beleid in verschillende instellingen “inclusie” gebruikt om te verwijzen naar iemands gevoelens, gevoel erbij te horen en subjectieve zelfidentiteit, wat op zijn beurt “evenredige vertegenwoordiging [in een groep] impliceert, zelfs als de traditionele normen voor lidmaatschap moeten worden versoepeld of gewijzigd om een dergelijke vertegenwoordiging te bereiken”. Dus, bijvoorbeeld, in toelatingskwesties voor universiteiten omvat de gelijkheidsinclusie de uitsluiting van “verdienstelijke individuen”.

Vanuit katholiek perspectief is gemeenschap echter een passender term en, zoals Vaticanum II leert, er zijn graden van gemeenschap met de Katholieke Kerk (vgl. Lumen Gentium, 14-16). Het Heilig Misoffer is de opperste uitdrukking van kerkelijke gemeenschap, maar het ontvangen van de Eucharistie wordt geregeld door bepaalde normen (vgl. het Wetboek van Canoniek Recht van 1983, canons 844 en 916). We hopen dat de synode het belang zal benadrukken van een waardige ontvangst van de heilige communie volgens de leer van de heilige Paulus (1 Korintiërs 11,27-32 en canons 915-916 van de Codex van 1983).

Binnen de katholieke gemeenschap stellen we heel andere vragen. Neem de vragen van aartsbisschop Joseph Naumann, die het seculiere begrip “inclusie” in de kerkelijke context heeft geïntegreerd, met de volgende lijst retorische vragen om de beperkingen van de term aan te tonen.

  • Moeten we de oproep tot bekering van Onze Heer opvatten als het bevorderen van een cultuur van uitsluiting?
  • Was het duidelijke en uitdagende onderricht van Jezus over het huwelijk of de gevolgen van lust bedoeld om te vervreemden, of was het een uitnodiging tot bevrijding en vrijheid?
  • Was radicale inclusie de hoogste prioriteit van Onze Heer toen veel discipelen wegliepen na zijn toespraak over het Brood des Levens?
  • Zou iemand van ons verbaasd moeten zijn dat, als we luisteren naar degenen in de periferie, degenen die niet in onze kerken zitten, degenen die niet katholiek zijn en zelfs degenen die niet in Jezus geloven, velen het oneens zullen zijn met onze tegenculturele morele leer?
  • Betekent dit dat we berouw moeten tonen voor het creëren van structuren van uitsluiting en de geest van de seculiere cultuur moeten omarmen?
  • Als we ernaar streven ware discipelen van Jezus te zijn, vereist dit dan niet dat we tegencultureel zijn?
  • Wat trok mensen in het begin van de kerk naar het christendom? Was het radicale inclusie?
  • Zeker, het evangelie van Jezus werd aan iedereen aangeboden, man en vrouw, Jood en niet-Jood. Maar de uitnodiging van onze Heer bevatte altijd een oproep tot bekering, geen welkom voor iedereen op zijn eigen voorwaarden. Gingen de brieven van Paulus of de preek van Petrus op Pinksteren over radicale inclusie, of waren ze een oproep tot bekering?

Deze vragen roepen diepe overwegingen en discussies op binnen het katholieke geloof. Als katholieken weten we dat ieder “mens gemaakt is naar het beeld van God”: katholieken zijn daarom geroepen om 1) “elk menselijk wezen van zo’n enorme waarde te achten dat Jezus zijn leven gaf op Golgotha voor ieder van ons;” en 2) “elk menselijk wezen met de hoogste eerbied en het hoogste respect te behandelen”, maar dit “wil niet zeggen dat we elke gemaakte keuze respecteren en eerbiedigen.”

We moeten ons afvragen of de synode zich bezig houdt met “Wie zeggen wij katholieken dat Christus is?” of “Wie zeggen jullie (anderen) dat Christus is?”. (Matteüs 16:13-20; Marcus 8:27-29).

Leerstellige competentie

Alle gelovigen moeten antwoorden op de vraag van Christus aan Petrus: “Wie zegt gij dat Ik ben?” (Marcus 8,29). Een synodale Kerk moet luisteren naar de gelovigen, maar de herders van de Kerk moeten ook de waarheid in liefde onderwijzen. Er moet authentieke gemeenschap zijn in geloof en moraal (zie het document van 1992 van de Dicasterie voor de Geloofsleer, Communionis Notio, (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten)). Bisschoppenconferenties hebben leergezag, maar ze moeten onderwijzen in gemeenschap met de bisschoppen van de universele Kerk en de paus van Rome (zie de apostolische brief van Johannes Paulus II uit 1998, Apostolos Suos (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten)). Eenheid in geloof en moraal is essentieel voor authentieke gemeenschap en synodaliteit.

De Kerk wordt beschreven als het Volk van God in Lumen Gentium, 9-17, maar sommigen lijken nu te denken dat het Volk van God iedereen moet omvatten in volledige gemeenschap, ongeacht geloofsovertuiging. Dit is een ernstig probleem.

Vrouwen in de Kerk

Er is behoefte aan meer waardering voor de gaven van vrouwen in het leven van de Kerk. We hopen dat de synode zal voortbouwen op de inzichten van de heilige Johannes Paulus II in zijn apostolische brief uit 1998, Mulieris Dignitatem (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten) . Er moet diepe eerbied zijn voor de begaafdheid van vrouwen en hun bijdrage aan het leven van de Kerk in verschillende levensstaten – alleenstaand, gewijd en getrouwd. De onmisbare rol van moeders bij het baren en opvoeden van kinderen moet gekoesterd worden als een essentiële bijdrage aan de zending van de Kerk in de wereld.

Er is een waar gebeurd verhaal over een vrouw die naar een professor toe kwam die een lezing gaf over de rol van leken in de kerk. De vrouw zei dat ze hoopte in de toekomst iets voor de Kerk te kunnen doen, maar dat ze dat nu niet kon omdat ze thuis voor haar vijf jonge kinderen zorgde. De professor moest haar eraan herinneren dat de zorg voor haar kinderen een essentieel apostolaat van grote waardigheid en belang was binnen de Kerk.

Katholieke vrouwen moeten weten dat welk beroep ze ook uitoefenen – moeder, advocaat, professor, arts – ze krachtens hun doopsel al voor de Kerk werken. Alle gelovigen – vrouwen en mannen – bevorderen de zending van de Kerk naargelang hun levensstaat. Vaticanum II leert dat de lekengelovigen “van binnenuit als zuurdesem moeten werken voor de heiliging van de wereld” (Lumen Gentium, 31).

Voorstellen voor de wijding van vrouwen tot het priesterschap kunnen niet worden overwogen in het licht van de definitieve leer van Johannes Paulus II in Ordinatio Sacerdotalis (1994) (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten). Voorstellen voor de wijding van vrouwen tot het diaconaat verwijzen – net als die voor het priesterschap – vaak niet naar evangelische of theologische redenen. In plaats daarvan beroepen ze zich op volledig seculiere argumenten, zoals empowerment en het verbod op discriminatie. Er kan ook een soort klerikalisme schuilgaan achter voorstellen voor de wijding van vrouwen. Deze voorstellen zouden kunnen impliceren dat alleen geestelijken gezag en invloed hebben in de Kerk. Ze gaan volledig voorbij aan de essentiële plaats die Maria de Moeder van God inneemt als het levende hart van de Kerk en lijken in de valkuil te trappen – die vandaag de dag zo overheersend is in onze cultuur – dat alleen het mannelijke principe ertoe doet.

Studies over het diaconaat hebben niet aangetoond dat vrouwelijke diakens sacramentele wijding ontvingen in de vroege Kerk. Paus Franciscus heeft verklaard dat de commissie die deze kwestie bestudeert geen consensus heeft bereikt.

Sommigen hebben geprobeerd te beweren dat de Maronitische Katholieke Synode van de Berg Libanon uit 1736 laat zien dat de Kerk al toestemming had gegeven voor de wijding van vrouwelijke diakens. De werkzaamheden van de diakonessen (diaconissarum opera) die in de synode van 1736 worden genoemd, zijn echter niet dezelfde als die van het ambt van diaken (Diaconi officium). De diaken kan onder meer de kerk en het volk bewieroken (ecclesiam et populum incensare); de schriftlezingen en het evangelie in het openbaar lezen (epistolam et evangelium publice legere); de eucharistie aanbieden aan diakenen, lagere geestelijken en het volk (eucharistiam diaconis, inferioribus clericis et populo praebere); en tot het volk preken en het volk toespreken (praedicare et concionari ad populum [Mansi Vol. 38 Col. 163].Dergelijk dienstwerk wordt niet genoemd onder “het werk van de diakonessen (diaconissarum opera), die alle taken uitvoeren die aan hen zijn toegewezen “maar op geen enkele manier het altaar mogen naderen of de communie aanbieden aan de nonnen, zelfs niet bij afwezigheid van een priester of diaken” (Ad altare tamen accedere autionem monialibus praebere, etiam in absentia presbyteri aut diaconi nullatenus permittuntur [Mansi Vol. 38 Col. 164].

Verbetering van de relatie tussen geestelijken en leken

Paus Franciscus heeft het klerikalisme terecht veroordeeld. Er moet authentieke waardering zijn voor de complementaire rollen van geestelijken en leken. Wat echter vermeden moet worden, is het quasi-marxistische begrip van de relatie tussen leken en geestelijken als een klassenstrijd.

Gelovige leken moeten de gave van de gewijde geestelijkheid (diakens, priesters en bisschoppen) waarderen en de gewijde moet de door God gegeven waardigheid van alle gedoopten waarderen die delen in de drievoudige gave van Christus als priester, profeet en koning. Wat ten koste van alles vermeden moet worden is het creëren van een lekenbureaucratie die als machtsblok concurreert met de kerkelijke hiërarchie.

Het probleem van affectieve volwassenheid moet worden aangepakt, inclusief dat van mannen die zich aangetrokken voelen tot mannen. Zulke aantrekkingskracht kan alle relaties op een negatieve manier kleuren – mannen in relatie tot mannen en mannen in relatie tot vrouwen. Deze kwestie blijft onderwerp van studie. Geestelijken met een gebrek aan zelfvertrouwen zoeken soms prestige en invloed in de katholieke hiërarchie, en dit is een realiteit die aangepakt moet worden.

We moeten onthouden dat de ware hiërarchie in de Kerk de hiërarchie van heiligheid is, niet van macht. Zoals Johannes Paulus II opmerkte: “Het is op de heiligheid van de gelovigen dat de hiërarchische structuur van de Kerk volledig geordend is.”

In haar verklaring Inter Insigniores (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten) uit 1976 herinnerde de Dicasterie voor de Geloofsleer eraan dat “de enige betere gave, die kan en moet worden nagestreefd, de liefde is (vgl. 1 Korintiërs 12 en 13). De grootste in het Koninkrijk der Hemelen zijn niet de dienaren maar de heiligen.”

Katholieke moraliteit en intrinsiek slechte daden

Voorstellen voor “radicale inclusiviteit” verdoezelen soms de realiteit dat bepaalde handelingen of categorieën van handelingen een intrinsiek kwaad zijn (vgl. de encycliek Veritatis Splendor van Johannes Paulus II uit 1993).

De Kerk moet zondaars altijd verwelkomen en hen mededogen tonen zoals Jezus deed. Sommige handelingen kunnen echter onder geen enkele omstandigheid goedgekeurd worden (bijv. abortus, euthanasie, vleselijke seksuele handelingen buiten het huwelijk). Pastorale naastenliefde moet altijd gegrond zijn in de waarheid. In zijn encycliek Caritas in Veritate uit 2009 (Red.: zie hier voor een Nederlandse vertaling, met dank aan RKDocumenten) schrijft Benedictus XVI:

“De waarheid verdedigen, haar met nederigheid en overtuiging verwoorden en er in het leven daadwerkelijk van getuigen zijn daarom veeleisende en onmisbare vormen van naastenliefde. Naastenliefde, in feite, ‘verheugt zich in de waarheid’ (1Kor 13,6).”

We hopen dat de synode echt mededogen zal tonen met zondaars en hen in staat zal stellen te leven in overeenstemming met de authentieke katholieke moraal. Hoewel er factoren kunnen zijn die de volledige schuld voor zondige daden verzachten, moeten bepaalde daden erkend worden als intrinsiek slecht. Het sacrament van verzoening moet worden benadrukt als het middel bij uitstek om de zonde te overwinnen en in harmonie met de leer van Christus te leven.

Conclusie

We hopen van harte dat de komende synode de gelovigen zal helpen om samen op weg te gaan naar Christus, die ‘de weg, de waarheid en het leven’ is (Johannes 14,6). We vragen de Maagd Maria, de Moeder van de Kerk, om de bisschoppen en andere deelnemers te leiden naar het Hart van haar Goddelijke Zoon, zodat de Kerk werkelijk het licht mag zijn voor de naties.

Jane F. Adolphe is professor in de rechten aan de Ave Maria School of Law, Naples, Florida, adjunct professor aan de University of Notre Dame, School of Law, Sydney, Australië, oprichter en uitvoerend directeur van het International Catholic Jurists Forum, voormalig ambtenaar van het Pauselijk Staatssecretariaat, afdeling Betrekkingen met Staten.

Fulvio Di Blasi is Italiaans advocaat, juridisch bemiddelaar, Thomistisch filosoof, auteur (Palermo) en directeur van het Thomas International Center for Philosophical Studies.

Robert Fastiggi is hoogleraar dogmatische theologie aan het Sacred Heart Major Seminary in Detroit en lid van de Pontifical Marian Academy International.

Deborah Savage is professor in de theologie en faculteitsmedewerker van het Veritas Center for Ethics in Public Life aan de Franciscaanse Universiteit van Steubenville, Ohio.

Bron: The Synod on Synodality: Navigating Between Hope and Anxiety| National Catholic Register (ncregister.com)

Vertaling: EWTN Lage Landen (AV)

 


 

Wilt u meer lezen over of zien van de dogmatische constitutie ‘Lumen Gentium‘ ? Klik dan hier of gebruik één van de andere ‘tags’ boven- of onderaan dit artikel. 

Wilt u meer lezen over of zien van de apostolische brief ‘Mulieris Dignitatem‘ ? Klik dan hier of gebruik één van de andere ‘tags’ boven- of onderaan dit artikel. 

Wilt u meer lezen over of zien van de apostolische brief ‘Ordinatio Sacerdotalis‘ ? Klik dan hier of gebruik één van de andere ‘tags’ boven- of onderaan dit artikel. 

 

Wilt u meer lezen of horen over de ‘Hervormingsagenda van Paus Franciscus’? Klik dan hier , Of gebruik de zoekfunctie achter het vergrootglas, rechts bovenaan deze pagina

Wilt u meer lezen over of zien over de ‘Synode over Synodaliteit‘ die op 4 oktober 2023 begint? Klik dan hier of gebruik één van de andere ‘tags’ boven- of onderaan dit artikel. 

 

231004 | [XLS000] |

AANVERWANTE ARTIKELEN
spot_img

Actueel