19 februari 2026 – Paus Johannes Paulus II begroet de menigte vanuit zijn pausmobiel; voor hem staat Angelo Gugel, zijn pauselijke assistent op het Sint-Pietersplein. Foto: Independent Photo Agency / Alamy
Degenen die zich het epische pontificaat van Johannes Paulus II herinneren, denken misschien terug aan een lange, knappe leek met goed gekamd, ijzergrijs haar, gekleed in een zwart pak, wit overhemd en zwarte stropdas, die bij vele belangrijke gelegenheden de geestelijken van het pauselijk huishouden volgde naar het Sint-Pietersplein, of een paraplu boven het hoofd van de paus hield als het regende. Diezelfde man staat centraal op foto’s van de moordaanslag op 13 mei 1981, waarop hij de getroffen paus in de pausmobiel ondersteunt.
Hij heette Angelo Gugel en stierf op 15 januari op 90-jarige leeftijd.
Het bericht over zijn overlijden in Vatican News gaf hem zijn officiële, ietwat barokke titel: “Eerste assistent van de kamer van Zijne Heiligheid”. De kop van het bericht noemde hem de “persoonlijke bediende” van de paus. Voor P.G. Wodehouse zou Angelo de pauselijke gentleman’s gentleman zijn geweest. In gewoon Nederlands was hij de kamerheer van Johannes Paulus II. Ik herinner me hem echter vooral als een meesterkok.
Johannes Paulus II was in geen enkel opzicht een fijnproever. Hij was een enorme zoetekauw en hield van zijn dolce (dessert). Over het algemeen gaf hij echter weinig om eten, wat hem in Italië tot een buitenbeentje maakte. De Zusters van het Heilig Hart van Jezus, die de paus vanuit Krakau naar Rome had gehaald, zorgden uitstekend voor het pauselijke appartement en zijn bewoners. (Ze waren ook de belichaming van discretie; Johannes Paulus schokte een van hen in 1996 op ondeugende wijze door op een avond, toen hij mij het appartement uit begeleidde en de zuster bezig was met de voorbereidingen voor de ochtendmis, luid fluisterend tegen me te zeggen: “Je moet eens met haar praten; ze weet heel veel!” En het was zuster Tobiana Sobotka, SSCJ, die Johannes Paulus’ hoofd teder ondersteunde toen hij stierf.) Hun koken was echter vaak een beetje flauw.
Het was dan ook een nog groter genoegen om op de vrije dag van de zusters te worden uitgenodigd voor de pauselijke lunch, toen Angelo Gugel even pauze nam van zijn taken als bediende om te koken. Angelo wist namelijk, zoals veel Italiaanse mannen, de weg in de keuken. Ik herinner me vooral een fettuccine con funghi porcini die hij bereidde, niet alleen vanwege de voortreffelijke smaak, maar ook omdat de secretaris van de paus, toen Mgr. Stanisław Dziwisz, erop stond dat ik een enorme tweede portie nam, omdat hij mijn vrouw wilde laten weten dat “we je goed te eten geven”!
Johannes Paulus II “erfde” Angelo Gugel van paus Johannes Paulus I. Albino Luciani had Gugel in Venetië had leren kennen en uitgenodigd om naar Rome te komen als zijn kamerheer. Die functie duurde natuurlijk minder dan een maand, en toen kreeg Angelo een nieuwe, volkomen onbekende meester: iemand wiens karakter hij snel doorzag toen de Poolse paus, op de dag van zijn inaugurele openbare mis, Gugel vroeg om naar zijn studeerkamer te komen, hem de preek voorlas die wereldberoemd zou worden vanwege zijn christocentrische oproep tot onbevreesdheid en evangelisatie – en vervolgens de kamerheer vroeg om zijn Italiaanse uitspraak te corrigeren, waarbij hij met potlood aantekeningen maakte in de tekst.
Het pauselijke huishouden van Johannes Paulus II had een familiair karakter, zij het van een bijzondere soort, gezien het ambt dat de meester bekleedde. Het pauselijke appartement functioneerde in een dialectiek van respect en terughoudendheid, formaliteit en informaliteit, waarbij de sfeer van gemeenschap werd ondersteund door gebed. Bij één gelegenheid nam dat gebed een dramatische wending. Zoals het verhaal van Vatican News het verwoordde, op basis van een interview met Angelo:
Toen [Gugels] vrouw Maria Luisa in verwachting was van hun vierde kind – dat ze Carla Luciana Maria wilden noemen ter ere van paus Johannes Paulus I (Luciani) en paus Johannes Paulus II ([Karol] Wojtyla) – “ontstonden er zeer ernstige problemen in de baarmoeder”. De gynaecologen van de Gemelli Polikliniek zeiden dat de zwangerschap niet kon worden voortgezet. Toen, zo vertelde de heer Gugel, zei Johannes Paulus II op een dag tegen hem: “Vandaag heb ik de mis voor uw vrouw gevierd.” Op 9 april werd Maria Luisa naar de operatiekamer gebracht voor een keizersnede. Na afloop merkte een arts op: “Iemand moet heel veel hebben gebeden.” Op de geboorteakte schreef hij “7:15 uur”, het exacte tijdstip waarop de ochtendmis van de paus het Sanctus bereikte. Tijdens het ontbijt vertelde zuster Tobiana … de paus dat Carla Luciana Maria was geboren. “Deo gratias”, riep de paus uit. En op 27 april doopte hij haar zelf in zijn privékapel.
In de meer dan tien jaar dat ik regelmatig in het pauselijke appartement kwam, wisselde ik veel glimlachjes, maar niet meer dan tien woorden, met Angelo Gugel. Hij was een rustige man die geen aandacht zocht en wist dat hij een heilige diende. Moge hij in vrede rusten, herenigd met zijn oude meester op de Troon der Genade.

George Weigel George Weigel is de vooraanstaande senior fellow en William E. Simon Chair in Catholic Studies aan het Ethics and Public Policy Center in Washington.
Bron: https://www.ncregister.com/commentaries/weigel-remembering-angelo-gugel dd 18 februari 2026
Vertaling: EWTN Lage Landen (HR)
Gerelateerd