28 juni 2026 – Het Vaticaan heeft het martelaarschap van pater Juan Torres en 19 andere Spaanse priesters bevestigd | Foto: bisdom Ibiza |
/ACI Prensa – Nicolás de Cárdenas Wereld |
In hetzelfde decreet werden ook de heldhaftige deugden van de Dienares Gods, zuster Clara Andreu y Malferit erkend.
Het Dicasterie voor de Heiligverklaringen heeft het martelaarschap erkend van de Dienaar Gods Juan Torres Torres en 19 metgezellen uit het bisdom Ibiza in Spanje, die aan het begin van de Spaanse Burgeroorlog in 1936 uit haat jegens het geloof werden vermoord.
Op 18 juni publiceerde het Vaticaan het decreet betreffende deze martelaren, evenals de heldhaftige deugden van de Dienaar Gods Clara Andreu y Malferit (1596–1628), een non in het Hieronymietenklooster van San Bartolomé in Inca op Mallorca.
De diocesane fase van het zaligverklaringsproces voor deze Spaanse martelaren werd in 2008 geopend door Vicente Juan Segura, bisschop van Ibiza, en afgerond in 2015, toen de zaak werd doorgestuurd naar de toenmalige Congregatie voor de Heiligverklaringen.
Het proces werd in januari 2017 gevalideerd, waardoor verder kon worden gewerkt aan de positio, het uitgebreide rapport waarin getuigenissen en details over het leven en de deugden van de kandidaten worden gebundeld en hun geschriften worden onderzocht.
Het rapport werd in 2025 goedgekeurd door historische adviseurs en in 2026 ter beoordeling voorgelegd aan de theologische adviseurs en de kardinalen en bisschoppen die lid zijn van het dicasterie.
Pater Juan Torres Torres, geboren in 1912, stierf de marteldood op 25-jarige leeftijd; hij was de jongste van zijn metgezellen en de eerste die door toedoen van zijn moordenaars omkwam. De oudste was pater José Tur Bennassar, geboren in 1859, die ten tijde van zijn dood kanunnik van de kathedraal was. Hij stierf op 13 september 1936 in het kasteel van Ibiza, samen met het grootste deel van deze groep. Het bisdom Ibiza viert op die datum het feest van deze martelaren.
Zuster Clara Andreu
Bárbara Andreu Malferit werd geboren op 4 december 1596. Haar moeder stierf tijdens de bevalling. Op 8-jarige leeftijd trad zij toe tot het klooster van San Bartolomé in Inca en nam de naam Clara aan, hoewel zij pas op haar twaalfde als novice haar geloften aflegde. In 1613 legde zij haar religieuze geloften af.
De Koninklijke Academie voor Geschiedenis benadrukt in haar biografie dat „zij opviel door de toewijding waarmee zij de evangelische raden en de voorschriften van de regel en de constituties van de Orde van Sint-Hiëronymus naleefde, in elke functie en waar de gehoorzaamheid haar ook bracht.”
Ze was ook „zeer actief als raadgeefster voor vele mensen met betrekking tot hun leven en geweten“ en leed aan talrijke ziekten. Ze werd veroordeeld „vanwege de spirituele ervaringen van mystieke aard die ze beweerde te hebben en die ze op verzoek van bisschop Baltasar de Borja van Mallorca op schrift had gesteld“, maar „ze droeg dit alles met voorbeeldige berusting; na een speciaal bezoek van de franciscaanse pater Figuerola werd de innerlijke vrede hersteld“, aldus de biografie.

Zuster Clara Andreu. | Bron: Onbekend (CC BY-SA 4.0) |
Nadat zij in 1628 was overleden, „werden haar stoffelijke resten, gezien de gunsten die zij had verleend aan degenen die zich aan haar toevertrouwden“, aldus de biografie, in 1702 bijgezet in een graf in de kloosterkerk. Haar lichaam is niet vergaan, wat haar reputatie van heiligheid nog heeft versterkt.
De diocesane fase van haar heiligverklaring werd in 2011 afgerond, waarna het Dicasterie voor de Heiligverklaringen in Rome haar zaak vijftien jaar lang heeft bestudeerd.
Dit artikel werd voor het eerst gepubliceerd door ACI Prensa, de Spaanstalige zusterdienst van EWTN News. Het is vertaald en bewerkt door EWTN News English.
Bron: https://www.ncregister.com/cna/vatican-recognizes-martyrdom-of-20-priests-killed-during-spanish-civil-war dd 19 juni 2026
Vertaling EWTN Lage Landen (HR)
Gerelateerd