‘Corruptie Pakistaanse rechtbanken treft arme christenen het hardst’

13 juli 2026 – Mannen staan in een straatje van de christelijke nederzetting in Jaranwala, Pakistan, op 16 augustus 2025, twee jaar nadat menigten de wijk aanvielen vanwege ongegronde beschuldigingen van ontheiliging van de Koran. | Foto: Kamran Chaudhry |

 
 

EWTN News – Kamran Chaudhry |

 

Christenen die op grond van de Pakistaanse blasfemiewetten worden aangeklaagd, krijgen te maken met omkopingseisen, vertraagde rechtszaken en intimidatie in de rechtszaal, zo blijkt uit een nieuw rapport van twee toonaangevende mensenrechtenorganisaties.

Een nieuw rapport van toonaangevende mensenrechtenorganisaties stelt dat de diepgewortelde corruptie in het hele strafrechtelijke systeem van Pakistan onevenredig grote schade toebrengt aan de armste religieuze minderheden van het land, met name aan christenen die worden beschuldigd op grond van de controversiële blasfemiewetten.

Het onderzoek — getiteld “Under the Bench: Mapping Corruption Risks in Pakistan’s Justice System” — werd op 8 juli gepubliceerd door de Internationale Federatie voor de Rechten van de Mens (FIDH) en de Mensenrechtencommissie van Pakistan (HRCP).

“Etnische en religieuze minderheden worden in Pakistan nog steeds geconfronteerd met wijdverbreide discriminatie — problemen die nog worden verergerd door het feit dat zij ook uit gemeenschappen met lage inkomens afkomstig zijn”, aldus het rapport.

„Veel van de slachtoffers in zaken tegen christenen zijn bijvoorbeeld vuilnismannen of dagloners, wat betekent dat hun middelen om een advocaat met de nodige sociale en politieke connecties in te huren of om steekpenningen te betalen zeer beperkt, zo niet afwezig zijn, waardoor de kloof in de toegang tot het rechtssysteem in feite nog groter wordt.”

Het rapport is gebaseerd op 30 interviews die de FIDH en de HRCP in februari en maart hebben gehouden met advocaten, journalisten, activisten uit het maatschappelijk middenveld, academici en rechters.

Verschillende geïnterviewden gaven aan dat vooroordelen tegen minderheden en armen duidelijk naar voren kwamen in de bewoordingen die sommige rechters in hun vonnissen gebruikten.

 

Omkoping en vertraagde rechtszaken

De bevindingen komen overeen met die van een rapport uit 2025 van Human Rights Watch, waarin werd gesteld dat beschuldigingen van blasfemie of godslastering steeds vaker werden gebruikt voor financieel gewin, waarbij sommige politieambtenaren naar verluidt steekpenningen eisten van slachtoffers om te voorkomen dat valse aangiften werden geregistreerd.

Het rapport citeerde ook cijfers van de Nationale Commissie voor de Mensenrechten, een mensenrechtenorgaan van de overheid, waaruit een sterke stijging van het aantal vervolgingen wegens blasfemie bleek. Volgens het rapport waren er op 25 juli 2024 767 mensen in hechtenis op beschuldiging van blasfemie, vergeleken met 213 in 2023, 64 in 2022, negen in 2021 en 11 in 2020.

Behram Francis, juridisch adviseur van de Nationale Commissie voor Gerechtigheid en Vrede van de katholieke bisschoppen, zei dat de bevindingen overeenkomen met wat hij ter plaatse heeft gezien.

„De politie neemt contact op met de families van slachtoffers van blasfemie zodra er een beschuldiging is ingediend en de zaak in de openbaarheid is gekomen. Gezien het veiligheidsrisico, de gevoeligheid en de publieke opinie die hiermee gepaard gaan, begint het gebruikelijke smeergeld in dergelijke zaken bij minstens 50.000 roepies [180 dollar],” vertelde Francis aan EWTN News.

“Procesvoering in lagere rechtbanken kan jaren aanslepen, en het slachtoffer blijft lijden in de gevangenis, aangezien de aanklager de volgende zitting gemakkelijk kan uitstellen door 15.000 roepies te betalen aan de griffier. Onze advocaten worden tijdens processen meestal geconfronteerd met vooroordelen tegen christenen.”

 

Zorgen in de rechtszaal

Riaz Anjum, voorzitter van de Christian Lawyers Association of Pakistan, zei dat procedurele vertragingen en intimidatie in de rechtszaal nog steeds tot de grootste obstakels behoren bij de verdediging van christenen die van blasfemie worden beschuldigd.

„Deze zaken staan vaak niet op de reguliere rol, waardoor we gedwongen zijn aparte verzoeken in te dienen alleen al om een zitting te krijgen,” vertelde Anjum aan EWTN News.

„Moslimadvocaten bedreigen ons soms openlijk in het bijzijn van rechters en mobiliseren madrassa-studenten buiten de rechtszalen. Het risico dat externe druk en intimidatie door de menigte de gerechtelijke procedures beïnvloeden, blijft zeer groot.”

Pakistan stond op de 123e plaats van de 143 landen in de Rule of Law Index 2025 van het World Justice Project wat betreft de afwezigheid van corruptie, waarmee het land op de voorlaatste plaats in de regionale ranglijst staat.

 
 

Bron: https://www.ewtnnews.com/world/asia-pacific/corruption-in-pakistan-s-courts-hits-poor-christians-hardest-report-finds dd 9 juli 2026.

Vertaling: EWTN Lage Landen (HR)



0,0 (0)

Beoordeel aub deze post.


Categorieën: ,

Dossier(s):

Volg EWTN.

Schrijf je in op onze nieuwsbrief!